Diagnose

Bij verdenking van een hartinfarct is het sterk aan te raden zo snel mogelijk medische hulp te zoeken. De arts of spoedarts zal aan de hand van de beschreven symptomen aan een hartinfarct denken en de diagnose willen bevestigen met aanvullende testen.

Elektrocardiogram

ecg
een ECG bestaat meestal uit 12 afleidingen

Een elektrocardiogram, hartfilm, ECG of EKG is vaak de eerste test die men zal uitvoeren bij verdenking van een hartinfarct. Bij deze eenvoudige test worden elektrodes op de huid van de borstkas en de ledematen aangebracht om de elektrische activiteit van het hart te meten. Na een hartinfarct zullen de elektrische stromen in het hart anders verlopen omwille van de weefselbeschadiging. Aan de hand van de vorm van de ECG tracÚs kan een geoefend oog dit waarnemen.

Bloedtesten

Na een hartinfarct sterven de hartspiercellen af waardoor de inhoud van deze cellen vrijkomt in de bloedbaan. Sommige van de enzymen (troponine, myoglobine en creatinine-kinase MB) die in de hartspiercellen zitten zijn typisch voor hartspiercellen en zijn enkel waar te nemen in de bloedbaan na celsterfte van hartspiercellen. Afhankelijk van de concentratie van deze stoffen in het bloed kan men ook inschatten hoe lang geleden de weefselschade optrad hetgeen van belang kan zijn in de behandeling.

Beeldvormende technieken

Verschillende beeldvormende technieken kunnen in tweede instantie gebruikt worden na. Radiografieën, echocardiografie, CT scan en MRI scan kunnen het hart in beeld brengen om een goed beeld te krijgen van de aard en de ernst van de schade en van de functie van het hart na het hartinfarct.

Bij een angiogram wordt contrastvloeistof in de bloedvaten gespoten en kan men perfect zien welk bloedvat wordt afgesloten.

Inspanningstest

Enkele dagen tot weken na een hartaanval kan men een inspanningstest uitvoeren om te zien hoe het hart reageert op inspanning. Bij deze test moet men lopen op een loopband of fietsen op een fietsergometer terwijl een ECG wordt afgenomen.